13938

gedicht, vrij
18 oktober 2019

nu bekend is dat ze terugkomt
moeten de gaten dichtgespijkerd
de boot vlotgetrokken, leeggehoosd
de buik afgevlakt
het kielzog ingetrokken

nu bekend is dat ze terugkomt
kruipt nieuwe ouderdom gewrichten in
groeien bomen omhoog:
de grijze lucht geeft ze daar water

nu bekend is dat ze terugkomt
koop ik weer die jas tegen de regen
en schoenen tegen de bollende sneeuw
die dromerig haar borst uitsmolt

13934

gedicht, vrij
14 oktober 2019

het kunstlicht schijnt hier feller
dan in woonkamers die waarvan ik nog weet
waarin halfontklede vrouwen ’s avonds laat voor de spiegel staan
en ik mijn handen op hun heupen leg

‘je moet niet bang zijn om gelukkig te zijn’ wordt er gezegd
dus laven we ons aan het geluid van voetstappen in een steeg
voor altijd voortschrijdend
voor altijd verdwaald in het verraad van de rechte lijn

13931

gedicht, vrij
11 oktober 2019

fotoafdruk in het grind
herinnering in hippiejurk
valt uit een boom de fontein in
baadt nog altijd stralen en dierbaar
in het licht dat op haar viel die dag

13925

gedicht, vrij
5 oktober 2019

Ondanks dat ik weet
dat hij onder dat gras
langzaam zijn vorm verliest
en ik een naar beeld heb
van hoe dat oogt

ondanks dat ik weet
dat hij me niet horen kan
slechts een homp moleculen rest
die nog ergens op hem lijkt
– nee niet aan denken –

leg ik een hand op het zand rondom zijn steen
zeg dat ik het ben
dat ik hem mis

nog altijd

13924

gedicht, vrij
04 oktober 2019

(Aan L.)

of ik door je ogen kan zien
hoe je vanuit je bed keek
hoe de ruimte eromheen
steeds kleiner werd

of ik door je ogen zie
ons geboortejaar, hetzelfde tijdperk
hoe vanuit dat bed die wereld
langzaam verstikkend werd

en hoe je,
toen het leven tot aan het matras was weggevloeid
er voorzichtig draaiend met één been
en toen je hele wezen
1981-2019

uitstapte.

(rust zacht)

13919

gedicht, haiku
29 september 2019

(haiku op bankje
in de stromende regen
in het Zocherpark):

haringgrijs herfstlicht
op natuur nog los gekleed
in haar zomerjurk

13917

gedicht, vrij
27 september 2019

IJkpunt (voor M.N.)

verjaardagen zijn een ijkpunt
overspoeld worden door wie aan je denkt
afstanden doen rillen en
zonder twijfel wachten op een antwoord

in de praktijk die de wereld is
(zo heet dat)

reflecteren glazen gebouwen
de dag die had kunnen zijn
blijven zintuigen kleven
tussen donkerbroze voogden

in de praktijk die de wereld is
(zo noemen ze dat)

stijgt je hand niet langer op naar de klink
blijven deuren hangen in het slot
versperd voor schouders, voor liefs, voor pijn
doet niemand meer open

om te zien dat we er nog zijn (echt).

13913

gedicht, haibun
23 september 2019

Vóór zonsopgang, vóór de ochtendspits. Eigen voetstappen komen boven het verkeersgeluid uit, zachte regen ruist fluisterend over de gracht. Café’s worden vast met drankvatten gevuld, een klok schijnt als een maan. Een montere man werpt een hartelijk ‘goedemorgen!’ door een stevige wolk sigarettenrook. Knikkend naar de stenen gebouwen zwengelt hij een bladblazer aan, die hees bulderend de dag begroet. Het zijn de nieuwe hanen, ze liefkozen de belofte en wenken de zon.

vlak voor equinox
ochtendlicht nog niet feller
dan de daglichtlamp

13909

gedicht, haiku
19 september 2019

in een donker huis
houden twee boekenkasten
de muren uiteen

13908

gedicht, vrij
18 september 2019

kerkklokken in de morgen
geven wat ze hebben en zich herinneren
het beieren hult zich in een zwarte overjas
tussen de paden die we dagelijks gaan
gonst de boevenklok als een begrafenisbel

13826

gedicht, haibun, haiku
28 juni 2019

Weer fris genoeg (het weer) om thee te drinken. Nog rustig in de stad, weinig snelweggeluiden. Zo’n eigenaardig gekleurde morgen, een dag ontdaan van iets waar ik nooit een woord voor gevonden heb.

naar binnen gekeerd
in het ruisen van de stad
verdwijnt hij steeds meer

13825

haiku
27 juni 2019

(honger)

’s morgens op het balkon
het ontbijt van de buurvrouw
ruik ik met mijn maag

13817

gedicht, Klank, vrij
19 juni 2019

er naderde onweer
heldere schichten kon je aan de einder zien
opstekende wind bracht geur van regen, klank van treinen

er zakten wolken door de lucht
boven de daken werd het rood en donker als bij zonsondergang
op een onbewaakt moment stopte een timmerman met spijkers slaan

 

 

13814

gedicht, vrij
17 juni 2019

ze hangt weer voor me
dof moe nevelig grijs
badend in de geur van uitgebrande kroegen
de herinnering wil niet verdwijnen
laat niets zijn zoals het is

13812

gedicht, haiku
14 juni 2019

geluid van regen
het maar niet opkomen van
plant onder plastic

13811

gedicht, vrij
13 juni 2019

Naar buiten kijken met vermoeide ogen hoe het maar blijft regenen. Licht gelukkig, lange weg in zicht. Als ik naar buiten loop slaat een boeggolf van druppels op weg naar zee.

 

13810

gedicht, haiku
12 juni 2019

ergens van boven
zwarte luchten, zwarte inkt
druppels op papier

13807

gedicht, vrij
9 juni 2019

onder het gras de koude grond
in de nevel nog het weer van gisteren
hij houdt van literatuur zegt hij
van het ontwikkelde licht klassiek
en wil terug naar het verleden

het is een leugen vol
harde lijnen en aardappeleters
democratie verkleed als eigen gelijk
hij wil nooit hoeven vrezen
dat hij in opgetrokken nevel

zijn vijand ontmoet

13806

gedicht, haiku
8 juni 2019

zaterdagmorgen
door slaapkamerramen schreeuwt
de man zonder rem