14106

gedicht, haibun, haiku
3 april 2020

de ruis van luchtverversingsinstallaties is net zo grijs als de lucht. Horecagebied heet dat, daar is alles anders. In de toppen van de bomen speurt een ekster naar voldoening, bevrediging van de genen.

een stille morgen
wildgroei op een vensterbank
doorbreekt de verflaag

14105

gedicht, haibun, haiku
2 april 2020

(ochtend)

op de stadsschouwburg rust een blozend wolkendek. Terwijl fragiele zuchtjes wind geduldig de stenen doen slijten hebben de grote tandwielen van het universum zich weer in onze afleiding verschanst. Wordt wakker!

de tegenstelling:
een spel van snel opwarmen
bracht de noordenwind

14086

gedicht, haibun
15 maart 2020

op het journaal gaat de paniek viraal. Hier is het even stil.

als de avond valt
het donkerste van dit huis
absorbeert het licht

14072

gedicht, haibun
29 februari 2020

in deze ruimte is het stil. In deze dag tussen de tijd bestaat nog niets. Grijs licht valt uit de hemel, brengt water mee.

in grijze regen
toch de Zendo verlaten
druppelritmes, hout

14033

gedicht, haibun
21 januari 2020

zonsopgang, gestommel in huis. Een maag die vraagt om meer. Groene thee tussen broodkruimels op een houten tafel. Onzichtbaar wordt een kaars, rouwend om de vervliegende nacht, van kwetsbaar steen.

wat ochtendspits heet
pompt de lucht vol vuil en gif
blijft dit gewoonte?

14007

gedicht, haibun, haiku

De avond van Tweede Kerstdag. Mensen gaan naar huis, in het centrum groeit de Domtoren ver de hemel in. Vanmorgen in de nevel werd Utrecht elders, dreef Groningen op het gras.

een beschonken man
het einde van zijn latijn
schalt door de straten

13962

gedicht, haibun, vrij
11 november 2019

Stilte bestaat hier niet. Het gromt, klopt en bonkt tot het donker wordt. Als de mens zijn werk heeft gedaan, schreeuwt hij. Als hij schreeuwt heeft hij geen boom zien groeien, geen baksteen zien tobben in verval.

er is een groot verschil tussen
de mens en zijn werken en
de stilzwijgende weidsheid
die er buiten is

nu niet langer wachten
op het ongebeurde,
nu vluchten voor wie ons weghoudt
van open luchten en volle zee

van dat oneindige verdwijnen
het bekken omsloten en kopje onder
in het wonderlijk kolken
van de onderstroom

13947

gedicht, haibun

27 oktober 2019

Boven de zwart geworden contouren van de stad hangt een laatste cirruswolk als zijn eigen schaduw in het vervagend blauw van de avondlucht. Twee glasbakken rinkelen om het hardst. De wind die de nachten kouder heeft gemaakt gaat voldaan liggen, een man hangt lege tassen aan zijn fiets.

 

als watervlekken
groeien de nachtschaduwen
de kozijnen in

13942

gedicht, haibun, haiku
22 oktober 2019

vijf uur ’s morgens, een kerkklok, een sirene, dan stil. Theezakjes, een plant die om zich heen grijpt. Donker dat straks langzaam van het balkon zal lekken, tot grommend en percussief de mens de dag aanbreekt. Opnieuw beginnen, maar hoe?

 

grote, kleine geest
na openen van gordijn
de hele wereld

13913

gedicht, haibun
23 september 2019

Vóór zonsopgang, vóór de ochtendspits. Eigen voetstappen komen boven het verkeersgeluid uit, zachte regen ruist fluisterend over de gracht. Café’s worden vast met drankvatten gevuld, een klok schijnt als een maan. Een montere man werpt een hartelijk ‘goedemorgen!’ door een stevige wolk sigarettenrook. Knikkend naar de stenen gebouwen zwengelt hij een bladblazer aan, die hees bulderend de dag begroet. Het zijn de nieuwe hanen, ze liefkozen de belofte en wenken de zon.

vlak voor equinox
ochtendlicht nog niet feller
dan de daglichtlamp

13826

gedicht, haibun, haiku
28 juni 2019

Weer fris genoeg (het weer) om thee te drinken. Nog rustig in de stad, weinig snelweggeluiden. Zo’n eigenaardig gekleurde morgen, een dag ontdaan van iets waar ik nooit een woord voor gevonden heb.

naar binnen gekeerd
in het ruisen van de stad
verdwijnt hij steeds meer

13802

gedicht, haibun
4 juni 2019

prettig klam. Verre vliegtuigen imiteren naderend onweer. Links is het donker, rechts is het licht. Onmogelijk gevormde wolken drommen grommend samen. We hebben regen nodig, voor vandaag, voor morgen.

 

naderend onweer
op de donderachtergrond
groeien zwaluwen

13797

gedicht, haibun
30 mei 2019

de motregen op hemelvaart. Voor de dauwtrappers komt de dauw uit de lucht dit keer. In het onnaargeestige grijs van de morgen ruisen planten oorverdovend groen.

 

in het hoge gras
slijten zoekende voeten
een verdwijnend spoor

13795

gedicht, haibun
28 mei 2019

Totale stilte voor de ochtendspits. Een stad nog leeg, niet geblokkeerd door auto’s en lichamen, de lucht nog vrij van uitlaatgas. In het gras besluipt een kat een duif. Als de duif vlucht, zoekt de kat onverstoorbaar verder. Het gras nat, de belofte van regen.

het water tikt op
vormen in stromend water
een blik in de goot

13794

gedicht, haibun
27 mei 2019

Zittend op een kussen groeien namaakrieten matten mijn buikwand binnen. Onbeweeglijk lichaam verbijt, verdooft zich. Lichte wolken in de morgen zijn rustgevend en onheilspellend. Hoofd zakt diep in buik, waar de schedelscherven prikken. Ik kijk haar aan, maar ze kent nog steeds mijn naam niet.

onder avondschemer
overdekt door bonzend hart
klinkt een stem op straat

13780

gedicht, haibun, haiku
13 mei 2019

Bij het vallen van de avond trekt men deuren in het slot. In het klikken hoor je weerkaatsingen van de buitenmuren komen, in het dreunen voel je hun gewicht.

 

stil en laat blauw licht
verstrijkende tijd begraaft
dit huis in het stof

13773

haibun, haiku
6 mei 2019

Op het Jaarbeursplein gonst een langgerekte zoemtoon, een signaal, een machine: bouw. Een laag ruisen maskeert het verkeer in de verte. Het is vroeg, de mensen zwijgen nog. Een groep mannen met identiek haar breekt de stilte en lacht uitbundig. Je kunt hier vandaag geen klanken oogsten, en woorden weinig. De grond trilt. Er komt een trein.

stenen stationsplein
groepen mensen ploegen door
ochtendruis en -roes.

13709

gedicht, haibun, haiku
3 maart 2019

Stormachtig. Rommelende windstoten ruiken naar regen. Omvallende stoelen werpen valklank tegen de muren. Herinnering aan zee, aan ver. De dag begint.

bol en opwellend
reikt de stormwind naar binnen
slaat bladzijden om

13662

gedicht, haibun, haiku
15 januari 2019
In Drenthe

Kale bomen en akkers met grote plassen water. Sporen van tractors die uit het verleden spreken. Contouren van de sloten door hoog water vervaagd en onduidelijk. Gevallen bladeren, al begonnen met vergaan, worden spoedig door de gulzige grond verzwolgen. Laag licht droogt het land, betrapt haar op heterdaad.

lange schaduwen
lage januarizon
schijnt op natte wei

13651

gedicht, haibun, haiku
4 januari 2019

Een betonnen kubus met aan één kant glas. De vinexwijk zag ik nauwelijks, ik zag een strand dat hier helemaal niet was. Zoals de vele wegen buiten lopen wij langzaam uit elkaar. Je ziet het gebeuren, maar kunt het nauwelijks helpen.

blokkig tuinlandschap
erboven witte vogels
op hun weg terug