13445

haibun

Bij zonsondergang, laat om de lente. Groot licht werpt schijn vanachter de horizon, vangt vervliegende wolken in bundels wittig oranje. Mouw van blouse werpt schaduw door plastic dak, verbuigt het vallen van de avond. Buren praten, alcohol-hard, dan weer vrolijk, dan weer ernstig. Kom maar, kom maar tot leven.

 

geur van barbecue
zon zakt in bakstenen huis
de lucht vol stemmen

13346

haibun

(Als licht op de lichtsnelheid reist, reist het dan nog door de tijd?)

Het licht schijnt hier elke avond hetzelfde. Ze valt alleen anders op de ruggen van de boeken die elke dag onzichtbaar en sluipenderwijs verder vergaan.

 

 

licht van bureaulamp
verdwijnt in grijze schemer
is het nog avond?

13331

gedicht, haibun

De dag komt ten einde. De radio speelt: kou. Duisternis en warmte klemmen reflecterend glanzend nachtglas tussen zich in. Ik zie op tegen dagen die komen, dagen waarop ik me tegelijkertijd verheug. Ik verheug me eindeloos tegen de dagen op.

 

avond valt
zodra de vorst komt
rijdt ze van me weg
op winterglazen schaatsen